| |

|
Nocando - Jimmy The Lock
Er zijn weinig releases waar we echt naar uitkijken, meestal is het nonchalance troef hier ten burele en zien we wel wat er op ons pad verschijnt. Voor Nocando zijn debuut maakten we een uitzondering. Hij deed immers mee op ons favoriete nummer van vorig jaar, het nu al legendarische Least Favorite Rapper van Busdriver. Daarnaast behoort hij tot de nieuwe generatie van het Project Blowed collectief en die lui volgen we al minstens 100 jaar aandachtig. Ook schept het bij ons verwachtingen als je, zoals Nocando in 2007, ooit de Scribble Jam battle hebt gewonnen.
Jimmy the Lock stelt niet teleur, de nummers worden geproduceerd door vooraanstaande L.A. beatsmiths (Nobody, Daedelus, Nosaj Thing, etc. etc.) en Nocando toont zich een veelzijdig rapper. Genoeg luisterwaardige momenten zoals het traag gerapte Hurry Up & Wait en het catchy You Got Some Nerve. Verder gaat het van grappig in 21 en DSD2 tot straight up underground in I’m On.
Die Nocando komt er wel is onze conclusie, niet commercieel gezien natuurlijk, geen schijn van kans, meer als rijmende factor om rekening mee te houden. Niet dat je daar iets aan overhoudt behalve status in vrij beperkte kring maar het blijft toch een prestatie. In onze ogen dan, de argeloze lezer kan er net zo goed heel anders tegenaan kijken. Dat willen we best toegeven en in de regel zijn we helemaal niet zo toeschietelijk. Jawel, ook Levertraan.com heeft weleens een milde bui, dat lijkt ons een mooie conclusie om mee af te sluiten.
|
| |
|
| |

|
Oh No - Dr. No's Ethiopium
Ethiopische muziek, bij sommigen raakt het een gevoelige snaar. Wij hebben ons er nooit echt in verdiept aangezien we andere genres in de regel voorrang geven. Dit betekent niet dat we iets tegen Ethiopiers hebben, nobele lui met een interessante geschiedenis vol gekke keizers, maar er gaan maar 24 uur in een dag en dan kan er wel eens een muziekstroming bij in schieten. Gelukkig kun je toch nog wat van de minder gangbare genres meepikken als je de instrumentale, gruizige hiphop van Madlib en zijn broer Oh No een beetje volgt. Vorig jaar bespraken we al Madlib zijn obsessie met Indiase muziek en momenteel steelt Oh No de show met zijn Ethiopische samples. De man deed enige tijd terug al hetzelfde met obscure Oost-Europese rock en hij is er gewoon goed in. Mocht hij ooit besluiten om de Nederlandse carnavalsmuziek onder handen te nemen dan zouden we het blind aanschaffen (hoewel....). Het Stones Throw label vond het allemaal zo bijzonder dat ze het zelfs aanbieden in combinatie met een pak Ethiopische koffie.
Sneu eigenlijk dat alle aandacht altijd weer uitgaat naar zijn grote broer terwijl Oh No eigenlijk net zo’n goede producer is, als rapper is hij zelfs beter. Dat laatste komt op deze cd wat minder uit de verf om de doodeenvoudige reden dat er niet op gerapt wordt. Hij is trouwens ook nog een verdienstelijk DJ. De enige twee dingen op muzikaal gebied die hij minder beheerst zijn het zingen en de moonwalk. Toch eigenaardig voor iemand wiens echte naam Michael Jackson is.
|
| |
|
| |

|
Gumnaam - Riddim & Culture EP
Officieel is dit schijfje nog helemaal niet uit, pas vanaf 1 februari 2010 is het ding aan te schaffen bij de betere platenboer (en op de website van Gumnaam), maar Levertraan heeft er toch de hand op weten te leggen. Wat lopen we toch altijd weer voor de meute aan. Naar alle waarschijnlijkheid beleeft de hoelahoep deze zomer ook weer een stevige revival want we verlaten al maanden het huis niet meer zonder. Hip, hipper, Levertraan.
Maar goed, laten we niet vooruitlopen op de zomer, die komt vanzelf wel. Gumnaam is er nu al dus die is eerst aan de beurt. De man maakt muziek die binnen de ruime grenzen van het dubstep genre valt. Die ruime grenzen zijn maar goed ook want standaard dubstep is het zeker niet. Vrouwelijke vocalen, een toaster en reggae- en dub-invloeden zijn zo maar wat zaken die je niet snel zult tegenkomen op een dubstepplaat. Nou moeten we wel zeggen dat we laatst een spaghettisliert tegenkwamen op een dubstepplaat maar dat had dan weer meer te maken met de uiterst beroerde tafelmanieren van de stagiair, maar dit terzijde.
De Riddim & Culture outlet is een boeiend schijfje geworden met vijf zeer afwisselende tracks. Deze gast komt er wel. Aangezien hij live soms ondersteund wordt door een sitarspeler (!) en een toaster zijn zijn optredens ook nog eens zeer de moeite waard. Dus draait hij in de buurt? Gaan!
Het lijkt wel alsof er niks aan te merken valt op deze dj. Nou, dat is dan weer niet het geval. Op zijn naam valt namelijk wel wat aan te merken. Toegegeven Gumnaam is een originele en opvallende naam maar we geven toch de voorkeur aan een wat langere naam. Zodat je nog beter opvalt. En in dit geval was het zo makkelijk geweest. We gaan hem ook nog even mailen want hij is wat ons betreft al halverwege. We gaan hem voorstellen om zijn naam te veranderen in: Kauwgumnaambordje. Bijna hetzelfde maar dubbel zoveel letters, en dus dubbel zoveel publiciteit. Denken we. We wachten in spanning zijn reactie af.
|
| |
|
| |

|
Devin The Dude - Waitin To Inhale (Screwed & Chopped)
We worden oud. Dat moet wel aangezien de muzikale substroming Screwed & Chopped compleet langs ons heen is gegaan. Het gaat weliswaar om een lokaal fenomeen (Houston en omgeving) maar dat mag heden ten dage geen excuus meer zijn. Hoe kwamen we desondanks toch achter het bestaan van deze dubieuze trend? Goede vraag. Kijk, onze stagiair zweert bij een obscuur rappertje genaamd Devin The Dude, een gast die claimt wel pap te lusten van de combinatie wiet en bitches. Omdat onze stagiair ook een keer een weddenschap had gewonnen (wedden dat ik me op mijn smoel laat timmeren zonder me te verdedigen) waren we hem een cd van deze dude schuldig. Om er vanaf te zijn gingen we naar Bol.com en bestelden we een willekeurige titel van Devin. De cd kwam na enkele dagen keurig binnen en de stagiair raakte door het dolle heen. Enthousiast maakte hij zich op voor het eerste nummer maar al na enkele seconden begon hij te mokken. ‘Jullie hebben de Screwed & Chopped versie gekocht,’ brieste hij tegen ons. Dat was nogal een beschuldiging, vonden wij, hoewel we niet wisten waar hij het over had. We zagen een cd liggen die onmiskenbaar van Devin The Dude was. Waitin to inhale, stond erop. Daaronder stond echter, in kleinere letters, Screwed & Chopped. ‘Niet goed?’ vroegen we. Vervolgens kregen we het verhaal te horen. Screwed & Chopped is een populaire muziekstroning onder types die verslaafd zijn aan syrup (een hoestdrank met als werkzame stof codeïne). Veel van die types zijn inwoner van Houston. They still have a problem overthere, kunnen we wel stellen, maar dat terzijde.
De uitvinder van het genre, ene DJ Screw spreidde al in de jaren negentig een uitbundige voorkeur voor hoestsiroop ten toon. Om het maximale effect uit de drug te halen ging hij de muziek draaien op zestig a zeventig procent van de normale snelheid. Ook liet hij af en toe de naald overspringen (Syrup doet dat soort dingen met je). Het moet gezegd, bij beluistering gaf het een raar effect dat ons maar matig beviel. Waarschijnlijk was het ons beter bevallen als we wat hoestdrank met codeine bij de hand hadden gehad. Helaas had onze dealer het even niet op voorraad. Aan de andere kant, misschien maar beter ook aangezien DJ Screw zelf (en hij was niet de enige) aan een overdosis hoestsiroop ten onder is gegaan.
|
| |
|
| |

|
Themselves - Crownsdown
Maar weer eens een hiphoprecensie om te bewijzen dat we nog steeds street zijn. Hoewel, dan hadden we geen slechtere keuze kunnen maken. Themselves valt namelijk in de categorie nerdy arthop en daar spuugt de echte gangster op.
Het moet gezegd, dolle boel, dit album. Anticon had het aangekondigd als een terugkeer naar traditionele hiphop en de muziek is inderdaad wat toegankelijker geworden. De term traditioneel zouden wij echter niet gebruiken om Crownsdown te beschrijven. Doseone rapt vaak vliegensvlug, vervormd zijn stem graag en doet pseudo-intellectueel. Elke poging om normaal te doen faalt volledig. De beats komen van Jel en die probeert zich deze keer wel te gedragen. En zie, door het experiment iets te temperen hebben we ineens te maken met een klein meesterwerkje. Lekker up-tempo maar op zo’n manier dat het in de clubs wel nooit populair zal worden. Het is gemaakt om thuis op te dansen tot je er uitgeput bij neervalt om vervolgens eens uit te vogelen waar Doseone het in godsnaam over heeft. Ben je geen danser, ook goed, heb je des te meer tijd om je te verbazen over dit soort waanzin. Je verwerft er dan wel geen respect mee bij de vervelende hangjeugd in je straat, grote kans dat je ze met deze muziek wel verjaagt, mits op het juiste volume gedraaid uiteraard.
|
| |
|
| |

|
Luke Vibert - We Hear You
Jawel, hij leeft nog! Het genie uit Cornwall (tegenwoordig residerend in Marseille) verblijdt de wereld maar weer eens met een verse release. De hoogste tijd wat ons betreft. We hebben wel eens gelezen dat hij beweert elke dag een nummer te maken en dus vragen wij ons regelmatig af waar hij die dingen dan wel laat. Waarschijnlijk onder de bank of onder een wankele tafelpoot, in ieder geval niet op een cd. Doodzonde. Maar we snappen het wel hoor, van een wiebelende tafel kun je knettergek worden.
Het is een plaat geworden waar de gebruikelijke Vibert kenmerken op samenkomen. Ontelbare handclaps, funky hiphopbeats, vage samples uit science-fiction films en verder de algeheel vriendelijk klinkende Vibert sound. Een nieuw iets dat even voorbij komt is dubstep. Dat hadden we nog niet eerder van hem gehoord. Nou is het ook geen snoeiharde, duistere dubstep waar je gruwelijke jeuk van aan je trommelvliezen krijgt. Hij weet het allemaal wat vriendelijker te laten klinken. Geweldig!! De man blijft toch een koning in zijn vakgebied.
Een behoorlijk manco van deze plaat is wel dat hij te lui was om een nieuwe alias te verzinnen. We mailen hem al jaren dat hij eens een plaat onder de naam Pindakaas Crew moet maken, maar daar is hij blijkbaar te beroerd voor. Toch best wel een eikel die Luke Vibert.
|
| |
|
| |

|
Awol One & Factor - Owl Hours
Stel, je zit op een zwoele zomeravond op je balkon met de zoveelste halve liter bier en je besluit tot een muziekje. Wat zou je dan het beste op kunnen zetten? Besluiteloos als altijd zit je een tijdje zielig voor je uit te staren. Goh, je hebt echt geen idee. Ineens krijg je de briljante ingeving om je laptop er eens bij te pakken en Levertraan te raadplegen. Dat is immers zo’n site waarop je altijd wel weer een onverwachte tip tegenkomt. Je zet je laptop aan en het kreng crasht. Je start hem weer op en hij crasht nogmaals. Godzijdank is drie keer scheepsrecht, zelfs bij zo’n beroerde laptop als de jouwe en het world wide web ligt voor je open. Door al die pilsjes ben je alweer vergeten dat je naar Levertraan toe wilde en je checkt uit arremoede maar het laatste nieuws. Hier lees je dat het nog steeds slecht gaat met de palingstand, dat één of ander soapsnolletje in scheiding ligt, dat de graaiers nog steeds graaien en dat Afghanistan nog steeds geen vakantieparadijs is. Wat een ellende denk je en even overweeg je om jezelf van het balkon te gooien. Onmiddellijk daarna realiseer je je dat Levertraan altijd verlichting brengt en je laat het plan varen. Via je favorieten kom je gemakkelijk bij Levertraan uit. Je grinnikt bij voorbaat, opent nog een halve liter en kijkt eens wat voor muziek je deze keer aangeraden wordt. Dat is dus een dude die al acht zeer matig verkopende cd’s op z’n naam heeft staan. Het gaat om Awol One met Owl Hours, zo lees je. Een rapper die zijn volledige cd op MySpace heeft geplaatst. Gelukkig heeft Levertraan hier al naartoe gelinkt om het je helemaal makkelijk te maken. Je klinkt op de link terwijl je Levertraan met dubbele tong prijst. Helaas val je vervolgens in slaap en word je pas wakker wanneer je laptop met veel lawaai aan gruzelementen valt. Kun je Levertraan dan aanklagen zoals een loser met dure advocaat laatst probeerde? Vergeet het maar. Volgens de rechter (een scherp man overigens) mag je allang blij zijn dat we geen geld rekenen voor onze tips. Ondankbare eikel. Levertraan for President!!!
|
| |
|
| |

|
Mos Def - The Ecstatic
Mos Def heeft een plaat gemaakt die beter wordt naarmate je er vaker naar luistert, een grower. Wel dapper, hoewel de vraag natuurlijk rijst of zoiets bewust gebeurd, we wagen het te betwijfelen. Maakt allemaal ook niks uit, zo’n creatief proces heb je niet onder controle. Dat merken we bij Levertraan dagelijks. Neem die recensies, zo heb je er geen, zo krijg je er twee achter elkaar, en denk maar niet dat zoiets gepland is. Gebeurt spontaan. Moeilijk te geloven voor de gemiddelde couch-potato maar Mos Def en Levertraan bewijzen het. Betekent dit dat we ons in dezelfde categorie scharen als Mos Def. Nee, we zijn twee onvergelijkbare grootheden. De rapper en acteur uithangen en daar miljoenen mee verdienen is toch echt iets anders dan het beheren van een site als Levertraan en daar straatarm bij blijven. Wat dat betreft benijden we Mos Def niet, de hele tijd maar moeten optreden om groupies te krijgen terwijl wij gewoon een Levertraan t-shirtje aandoen als we de deur uitgaan. Geloof het of niet maar zo’n shirt doet wonderen, alsof er iets mis is met hun evenwichtsorgaan, zodanig vallen de vrouwen dan op ons. Het fenomeen wordt inmiddels medisch onderzocht. Anyway, volgens de stagiair die meeleest (om ook eens wat te leren) dwalen we af. We zouden inderdaad iets zinnigs moeten zeggen over Mos Def z’n nieuwe plaat. Het gastoptreden van Slick Rick beschouwen we eigenlijk als het absolute hoogtepunt. Hoewel dit Mos Def op het eerste gezicht wat lijkt te diskwalificeren bedoelen we het niet negatief. De man heeft namelijk gewoon een puike cd afgeleverd, met dank aan Madlib, Oh No en een handvol andere producers. Wie had dat nog durven denken na de vorige missers.
|
| |
|
| |

|
Boxcutter - Arecibo Message
Deze keer nemen we Boxcutter eens op de korrel. We vonden het wel weer eens tijd voor een recensie en Arecibo Message kwam op onze weg, vandaar. Het betreft muziek van het Planet Mu label en dat wijkt altijd af van de norm, met deze release is dat niet anders. Wat we voorgeschoteld krijgen is een soort van dubstep met IDM. Er zijn daarnaast genoeg andere invloeden maar die verklappen we niet allemaal. Wie nieuwsgierig is zou het plaatje zelf eens moeten beluisteren. Wij zijn er nog maar nauwelijks aan toegekomen. Door alle drukte beoordelen we muziek tegenwoordig als veelbelovend wanneer het de reaktie oproept van: Hé, dat moeten we nog eens luisteren. En dat hadden we dus met Boxcutter. Zoiets kan gezien worden als oppervlakkig maar dat is dan mooi een reflectie van de tijd waarin we leven. Het kan trouwens net zo goed gezien worden als een postmoderne kritiek op de hedendaagse consumptiemaatschappij. Dit laatste zou de nietszeggendheid van deze recensie goed kunnen verklaren. Laten we het er in elk geval op houden dat Boxcutter een tweede luistersessie verdient. Nou maar hopen dat we er nog eens aan toekomen.
|
| |
|
| |

|
Ploctones - 050
We maakten ons voordat we deze cd gingen luisteren toch wel enige zorgen. De eerste langspeler van deze jazzrockfunklatingroove-formatie was namelijk opgenomen op een dak en je weet maar nooit hoe het onder andere omstandigheden gaat klinken. De kans bestaat natuurlijk dat ze alleen op grote hoogte tot een hoogtepunt weten te komen. Dat het iets met ijle lucht te maken heeft. Of hypobaropathie, je weet maar nooit.
Maar gelukkig maakten we ons zorgen om niets. De band rond gitarist Anton Goudsmit blijkt namelijk te bestaan uit muzikanten van hoog niveau die zelfs ver beneden NAP uitmuntend weten te presteren. Het is namelijk een meer dan geweldige cd geworden. De muzikanten voelen elkaar voortreffelijk aan, het speelplezier spat er van af en het hoesje heeft een foto met mooi uitzicht. Wat kan een mens zich nog meer wensen? Een tv die allergisch is voor Gordon, we blijven hopen.
Maar eerlijk is eerlijk, zelfs als we de muziek helemaal niks zouden vinden zou deze cd nog steeds hoog scoren bij ons. We vinden goede titels namelijk erg belangrijk en dat zit bij deze cd wel goed. Het eerste nummer heet namelijk Paalangst. Dagenlang kunnen we wegdromen bij de mogelijke betekenissen van dit woord. Angst voor het nemen van een penalty? Angst voor het doormidden breken van een paaldanspaal? Of misschien de angst dat je ooit oog in oog komt te staan met een naakt fotomodel terwijl je gekleed gaat in een Speedo? Mogelijkheden te over. Heerlijk. We houden van dagdromen. En de Ploctones.
|
| |
|
| |

|
Francien van Tuinen & Tripod - Daytrippers
Het werd hoog tijd om weer eens wat anders dan een hiphop of dance plaat te bespreken en zo kwamen we uit op de laatste cd van Francien van Tuinen. De vader van de stagiair is namelijk een groot jazzfan en aangezien we minstens één keer in de week met de hele redactie bij de stagiair gaan borrelen (ihkv een soort van supervisie en een potje gratis zuipen (in deze tijden van crisis moet je om de portemonnee denken)) worden we nogal eens geconfronteerd met wat jazz. Zo dus ook met deze plaat. En die bleef hangen.
We schrokken alleen wel even van de titel van de plaat: Daytrippers. Het is bekend dat jazzmusici niet vies zijn van verdovende middelen, maar om nu overdag al dmt, lsd, doornappel, ayahuasca of paddenstoelen te gaan nuttigen is misschien wat al te risicovol in deze tijden van doorlopend gezever over normen en waarden. Voor je het weet ben je verboden en wat dan? Een carrière zien op te bouwen op de podia van illegale Chinese gokzolders wensen we niemand toe. Nou vooruit, Jantje Smit wel. Maar dat spreekt voor zich. Wat een naar haring stinkende palingjunk!
Bij nader inzien zal de titel ook wel niks met druggebruik te maken hebben want het niveau van de muzikanten is zo hoog, dat red je niet wanneer je in de waan bent dat je achtervolgd wordt door roze krokodillen die de Vogeltjesdans dansen. Of zo. We houden het er maar op dat ze geïnspireerd waren geraakt door het kijken van een goede film en zo hun dank betuigen.
Verder is dit gewoon een geweldige plaat, die maar weer eens laat zien dat Nederland nog altijd een stevige vinger in de pap genaamd jazz heeft liggen. Misschien niet voor iedereen geschikt, maar voor de muziekliefhebber die wat harder luistert dan zijn trommelvliezen gespannen zijn zeer zeker de moeite waard.
|
| |
|
| |

|
DOOM - Born Like This
DOOM is terug! De letters MF heeft hij onderweg verloren maar dat mag de pret niet drukken, of toch wel, dat zullen we hier eens uit de doeken doen. Hoewel dit zeker geen honderd procent geslaagde comeback is staan er toch een stuk of zes songs op die tot het beste behoren wat er de afgelopen tijd is uitgekomen.
Zo hebben we na een intro gelijk de ouderwetse en onnavolgbare Doomflow te pakken, alsof er in vier jaar niks veranderd is. En wat is er eigenlijk veranderd. Het waren ook gewoon vier boring jaren, of DOOM zijn afwezigheid er iets mee te maken heeft betwijfelen we sterk, maar toch, het sukkelde allemaal maar een beetje voort zonder richting en met veel drank.
Laten we echter niet afdwalen en ons op de LP concentreren. Op enkele bijdragen van Jake One, Madlib en J Dilla na komen alle beats van DOOM zelf. Vocale gasten zijn Raekwon, Ghostface Killah, Kurious, Slug, Mobonix en een onbekend vrouwelijk rappertje die zich Empress noemt en best thuis had mogen blijven. Meest originele gastbijdrage komt van de legendariche schrijver en poëet Charles Bukowski. Zijn gedicht Born Into This luidt het nummer Cellz in. Een nummer dat niet gelijk tot de top 6 behoort.
Het is allemaal DOOM as usual. Veel niet te begrijpen wordplay, geen refrijntjes en wat obscure samples. Hoogtepunt is That’s That maar dat is strikt persoonlijk. Ook Gazzillion Ear, Ballskin, Yessir, Rap Ambush, Lightworks, Microwave Mayo en More Rhymin hebben we in constante rotatie. We zien ineens dat we het dan in totaal over acht nummers hebben. De LP is dus zelfs beter dan we in eerste instantie dachten. Helaas haalt het homofobe Batty Boys het niveau ver naar beneden. Het toont maar weer aan dat je een gemaskerde idioot nooit te serieus moet nemen!
|
| |
|
| |

|
N.A.S.A. - The Spirit Of Apollo
Oh ironie. Een erg hippe plaat die door hippe sites als te opzichtig hip wordt aangeduid met als gevolg dat je er binnen kringen van extreem hip niet meer mee aan kunt komen. Te mainstream, iets voor wannabee’s en te pretentieus vanwege ongeveer veertig gastbijdragen, zo luidt de kritiek. Wij hadden minder last van vooringenomenheid en luisterden de plaat gewoon. Blijkt het ook nog eens één van de betere platen van de laatste tijd te zijn. Types als David Byrne en Tom Waits gaan heel goed samen met rappers als Chali 2na en Kool Keith, wie had dat ooit gedacht.
Dat van die vermeende hipheid is trouwens iets wat mastermind dj Sam Spiegel (a.k.a. Squeek E. Clean) en zijn Braziliaanse partner in crime dj Zegon zelf ook hadden kunnen bedenken toen ze MIA, Santogold, The Cool Kids, KRS-One, Ghostface Killah, Kanye West, Spank Rock, Lykke Li, Q-Bert en Sizzla benaderden, om maar enkele gasten te noemen.
We kunnen dus rustig stellen dat ze de problemen over zichzelf hebben afgeroepen. Ze vinden het namelijk ook nodig om de suggestie van een diepere boodschap te wekken. Dit hadden ze niet moeten doen want het is gewoon feestelijke muziek. Niks mis mee, mits je in een feestelijke stemming bent natuurlijk. En je raadt het al: de plaat draait hier al twee maanden onafgebroken!
|
| |
|
| |

|
The Qemists - Join The Q
De combinatie rock en dance hebben we altijd verafschuwd. We vreesden dan ook het ergste toen ons favoriete label Ninja Tune de sound van Qemists omschreef als een kruising tussen rock en drum & bass. Het zal toch niet waar zijn, dachten we. Goed, het bleek wel waar en wat nog verrassender was, het klonk geweldig. De muziek knalt werkelijk uit de speakers en het ontlokte ons zelfs enig geheadbang, just for old times sake. Geloof ons, hiermee krijg je een bejaardentehuis wel op de kast, mits hard genoeg gedraaid natuurlijk. De dudes achter The Qemists hebben volgens de geruchten een achtergrond in een rockband, het zal allemaal wel. Boeit ons verder niks, iedereen heeft recht op een jeugdzonde (of twee, of drie, vier misschien, veel gekker moet het echter niet worden).
De LP staat ook nog eens bol van de vocale gastbijdragen die zorgen voor de nodige afwisseling. Er wordt zelfs voor een fuckin anderhalve minuut op gebeatboxed. Slechte songs hebben we niet gehoord en dat is ronduit schokkend in deze tijd waar we al enthousiast worden van een willekeurige cd met vier a vijf goede nummers. Het zal toch niet zo zijn dat 2009 ineens een goed muziekjaar gaat worden? Voor de zekerheid hebben we een waarzegster geraadpleegd maar dat mens wist ons slechts te vertellen dat Nederland weer een modderfiguur zou slaan bij het Eurovisiesongfestival. Voor dat soort voorspellingen hoef je niet paranormaal begaafd te zijn. Bij wijze van genoegdoening hebben we haar glazen bol gestolen en opgestuurd naar The Qemists. Kunnen ze zelf zien dat er een gouden toekomst voor ze in het verschiet ligt als ze zo doorgaan.
|
| |
|
| |

|
Luke Vibert - Rhythm
De man met de meeste aliassen in de muziekbusiness is weer terug. En wel met een nieuwe alias, wie had dat gedacht? Helaas kunnen we zijn laatste alter ego niet eens weergeven. De stagiair dacht het wel te kunnen fixen met een extra toets en nu hebben we dus een pc met een kapot toetsenbord. Om de kosten te drukken verhuren we de stagiair in zijn vakantie maar weer aan een bedrijf dat medicijnen test. Wat dat joch allemaal al heeft stuk gemaakt...
Wat de lol ook is van een onuitspreekbare alias, we zullen het wel nooit te weten komen. Waarschijnlijk willen we het ook helemaal niet weten. Het zal wel iets van doen hebben met een zevende dimensie, een parallelle realiteit waar geiten het voor het zeggen hebben. Of zo.
De muziek is gelukkig wel als vanouds: geweldig. Over het algemeen wat rustige nummers waar zelfs een ouderwets potje Gregoriaans gezang (sort of) niet geschuwd wordt.
Luke Vibert bewijst met deze plaat niet alleen dat hij de koning is op het gebied van het bezitten van aliassen, maar ook dat hij over genoeg creativiteit beschikt om steeds weer een nieuwe sound te verzinnen bij zo'n alias. En dat voor iemand die schizofrenie tot kunstvorm verheft.
We vragen ons wel af hoe hij deze release denkt te slijten aan het publiek. Onze lokale platenboer, Harrie's Vinyl Palijs, kreeg een appelflauwte toen we hem vroegen de plaat te bestellen. Blijkbaar beschikt ook hij over een toetsenbord dat Luke Vibert niet weet bij te houden.
|
| |
|
| |

|
Dj Signify - Of Cities
Er komen elk jaar één à twee goede instrumentale hiphopalbums op de markt, dat is een vreemde wetmatigheid. De wet van Moore is er niks bij. Je weet wel, van die gast die beweerde dat het aantal transistors op een processor elke 18 tot 24 maanden zou verdubbelen. Zoiets was het, we gaan ook niet doen alsof we dat soort ongein begrijpen. Naar verwachting zal die wet tot 2050 geldig zijn en het zal ons benieuwen of de wet op dope hiphopinstrumentals ook zolang meegaat. Hij is in werking sinds 1996 toen DJ Shadow iedereen verbaasde met het legendarische Endtroducing.
De laatste jaren is één van die twee dope hiphopinstrumentals steevast afkomstig van Madlib. Die andere hebben we dit jaar in een vroeg stadium te pakken en is van de hand van DJ Signify. Dude had enige jaren terug ook al een leuke instrumentale hiphop lp op de markt gebracht en hij timmert blijkbaar nog steeds aan de weg. Hij heeft in elk geval een goede smaak wat betreft platenhoezen en dat is altijd een pluspunt. Wat verder opvalt is het feit dat zijn albums nooit honderd procent instrumentaal zijn. Zo zijn er op deze LP twee raps van Aesop Rock te horen. Op de vorige waren Buck 65 en Sage Francis de gelukkigen. Alledrie blank, inderdaad. Is DJ Signify daarom meteen ook maar een racist? Nee, want mensen die nog naar huidskleur kijken leven echt in een pre-Obama tijdperk. Anything goes, is het motto tegenwoordig. Tenminste, dat maken wij ervan om toch enigszins een houvast te hebben in deze verwarrende tijden. De muziek dan maar, hebben we nog verdomd weinig over gezegd behalve dat het goeddeels instrumentale hiphop is. Bij nader inzien is dat ook wel genoeg. Het wachten is nou op Madlib z’n release, kunnen we het jaar voor wat betreft instrumentale hiphop ook weer afsluiten.
|
| |
|
| |

|
Mr Scruff - Ninja Tuna
Als ons gevraagd zou worden welke artiest we het meest associëren met Ninja Tune dan zouden we onmiddellijk schreeuwen: Mr. Scruff. Helaas zijn er maar weinig mensen die dat soort vragen stellen en dat frustreert behoorlijk. Weten we een keer het antwoord op een vraag, wordt die nooit gesteld. En omgekeerd is het natuurlijk altijd raak. Constant krijgen we vragen voor de kiezen waar we het antwoord op schuldig moeten blijven. Laatst nog, vroeg iemand ons waar zijn portemonnee was gebleven. ‘Geen idee,’ zeiden we maar, wat op zich wel een antwoord is natuurlijk. Anyway, Mr. Scruff heeft één van de betere platen van 2008 gemaakt. Zonde dat we dat pas in 2009 ontdekken want zoiets wekt altijd de indruk dat we maar wat achter de feiten aanhobbelen. En dat is natuurlijk niet het geval, laat dat duidelijk zijn. We zouden graag enige voorbeelden van het tegendeel geven maar dan zou het lijken alsof we ons in het defensief gedrukt voelen. Door onze eigen woorden nog wel. Inderdaad, we hadden er gewoon nooit over moeten beginnen.
Terug naar Mr. Scruff en zijn nieuwe cd Ninja Tuna. Voor de meeste artiesten zou zo’n cd-titel te flauw voor woorden zijn, maar het past op de één of andere manier wel bij Mr. Scruff. Hij heeft toch een beetje het imago van vage lolbroek De muziek dan. Downtempo, breakbeat, soul en jazz in verschillende kruisbestuivingen. Mr. Scruff is in topvorm met zijn eclectische maar altijd funky sound. Niks dan lof. We waren er graag nog wat langer over doorgegaan maar te lange recensies worden toch nooit uitgelezen dus laten we het hier maar bij.
|
| |
|
| |

|
Zomby - Where Were You In '92?
Een dubstep producer die er brood in ziet om muziek te maken voor oudere ravers. Zomby zal er wel over nagedacht hebben, maar het lijkt wat vreemd voor een artiest uit de (semi) vernieuwende dubstepscene om bij zijn eerste cd terug te grijpen op sounds uit de begin jaren negentig. Iedereen die vroeger naar iets meer dan alleen The Prodigy heeft geluisterd zal het allemaal bekend voorkomen. Toch werkt het wel degelijk en wij zijn niet eens oude ravers. Het gedrogeerd op en neer springen tussen andere mafketels is iets waar we best één a twee keer per jaar aan mee wilden doen maar dan hadden we het ook wel weer gehad. Dat we desondanks toch last van nostalgie krijgen bij het beluisteren van deze plaat zegt waarschijnlijk meer over ons dan over Zomby. Emotioneel stabiel zijn we immers al lang niet meer. Aan de andere kant, wie is dat nog wel tegenwoordig. Na het beluisteren van deze enigszins cheesy hardcore cd zetten we ook de nodige vraagtekens bij de geestelijke gesteldheid van Zomby. Zijn keuze om te debuteren met compleet pretentieloze muziek zal niet iedereen begrijpen. Maakt ook niet uit want het knalt erg lekker uit de speakers en heeft heel wat meer energie dan de meeste pure dubsteptracks van de laatste tijd. Via Dazed & Confused valt ook nog de Where Were You In 1992 mixtape te downloaden maar dat moet je verder zelf weten.
|
| |
|
| |

|
An England Story, The Culture Of MC In The Uk 1984 - 2008
Soul Jazz Records blijft trouw aan de hoge standaard die ze zichzelf in een gekke bui hebben opgelegd. Deze keer belichten ze de ontwikkeling van mc's in Engeland. Het zal niemand verbazen dat het zich daar weer eens heel anders ontwikkelde dan op het Amerikaanse vasteland. Rare Britten altijd. Gelukkig komt Soul Jazz wel met een goede verklaring. Alles is terug te voeren op de kolonialisatie van Jamaica door Engeland. Als gevolg daarvan kwamen er vele Jamaicaanse emigranten naar steden als Londen en Tottenham. Ze brachten de muziek mee en zo kon het gebeuren dat Engeland sterk door reggae beïnvloed is terwijl dit in Amerika veel minder het geval is. Hoewel het daar juist is uitgevonden door de Jamaicaan Kool Herc. Vreemd, maar ook wel weer verklaarbaar. Deze man zag wel in dat reggae in Amerika nooit een poot aan de grond zou krijgen waarna hij gewoon maar een nieuw genre in elkaar flanste. Dit lag dus allemaal heel anders in Engeland en voor Soul Jazz was dit genoeg reden om daar eens een terugblik aan te wijden. We horen ragga mc's, grime mc's, hiphop mc's en drum 'n' bass mc's alsof men ons duidelijk wil maken dat er een grote verscheidenheid aan mc's is., het zijn niet louter hiphoppers. Iedereen die z'n oren enigszins openhoudt weet dat de Engelsen een dance-scene hebben waar de genres zich in duizelingwekkend tempo opvolgen. Genres die gebruik maken van een mc, zo wordt ons op deze dubbelaar duidelijk gemaakt. Wij zijn Soul Jazz dankbaar voor deze open deur want het betekent veel obscure muziek. Zelfs de nummers die gedateerd overkomen hebben een soort van simpele charme over zich waardoor deze plaat geen moment stoort.
|
| |
|
| |

|
Q-TIP - Renaissance
Na negen jaar vakantie komt Q-Tip weer eens met een nieuwe LP. Een erg relaxte LP zelfs, het moest natuurlijk niet teveel op werk gaan lijken. Q-Tip is het rappen duidelijk nog niet verleerd en hij klinkt net zo goed als in zijn dagen met A Tribe Called Quest. De muziek gaat richting nu-soul en de gasten komen ook uit die hoek en daar zit toch een beetje het probleem. Nummers als Move en Dance On Glass draaien we helemaal grijs maar andere songs lijken nogal op elkaar. Ook willen we 'Life Is Bitter' met Norah Jones hierbij nomineren voor saaiste lied van 2008. Werkelijk verbluffend hoe ze erin geslaagd zijn zoiets slaapverwekkends op te nemen en er zelf wakker bij te blijven. Ongetwijfeld was er een lading Red Bull in het spel.
Wat een matig muziekjaar is het eigenlijk ook als we hier al de moeite nemen om een enigszins duffe LP te bespreken. In eerste instantie zagen wij het aan voor een volwassen sound, maar daar zijn we snel van teruggekomen. Het is dat Q-Tip de meeste nummers redt met zijn kenmerkende stemgeluid en zijn laidback raps. De muzikale omlijsting en de refreintjes zijn meer iets voor types die het drinken van frappuchino in hippe koffiebars als het summum van avontuur zien. Naar verluidt zou Q-Tip alweer een nieuwe vakantie geboekt hebben, het is hem gegund.
|
| |
|
| |

|
Roots Manuva - Slime & Reason
Roots Manuva komt altijd over als een sympathiek mannetje in interviews en clips en dergelijke. Qua beeldvorming en image-building zit het dus wel goed met hem. Is zijn nieuwste werkje iets om tot je te nemen? Ach ja, wel degelijk. Het moet namelijk gezegd dat Roots Manuva wederom een leuke hybride van hiphop en reggae heeft afgeleverd. Hij blijft één van de meest relaxte Engelse mc's, een down to earth dude die zich verre houdt van bitches, blingbling en gangsters. Zouden wij ook eens moeten doen. Dat leven in de fast lane gaat ons duidelijk niet in de koude kleren zitten. Gelukkig gaat het hier niet over ons en is Roots Manuva het slachtoffer. Hadden we al vermeld dat hij op deze cd enige zangpogingen doet? Waren we zijn adviseurs geweest dan hadden we het zeker afgeraden. Ten eerste kan hij niet zingen en ten tweede is het ambacht sinds de schandalen rond erkende pedofielen als R. Kelly en Michael Jackson niet bijster populair. Laten we echter niet te lang bij de zang stil staan, straks lopen we nog een herfstdepressie op en ligt heel Levertraan plat vanwege een collectieve lichttherapie. Dat kunnen we Nederland niet aandoen. Daarom negeren we de zang en komen we zomaar tot de conclusie dat we best wel met een aardige cd te maken hebben.
|
| |
|
| |

|
Girl Talk en Steinski
Een nieuw hoogtepunt in de sample-gekte die maar voortduurt is makkelijk gevonden in Girl Talk. Deze knakker heeft een achtergrond in de meer experimentele flank van de dance maar daar hoor je verbluffend weinig van terug. Het is rock, hiphop en pop dat gebroederlijk door de gehaktmolen gaat alvorens het door Girl Talk smakelijk wordt opgediend. Feed the Animals bevat ruim driehonderd samples uitgespreid over vijftig minuten. Dat is één per tien seconden. Best wel veel. Het doet allemaal een beetje denken aan de mash-up praktijken van de Belgische 2 many DJ’s.
Waarom is Girl Talk nog niet voor de rechter gedaagd wegens inbreuk op het copyright? We vroegen het ons een tijdje af maar aangezien Girl Talk zelf er nogal laconiek onder blijft, maken wij ons er ook niet meer druk om. Via deze link kun je zijn muziek downloaden en hem financieel ondersteunen voor het geval het toch tot rechtzaken mocht komen. Het bedrag staat geheel vrij. Wij hebben niks overgemaakt en kregen de muziek keurig binnen. Ideaal in deze tijden van economische malaise. De mix zit vol cheezy momenten die zelfs de grootste chagrijnen verleiden tot een glimlach. Wij kunnen het weten, we hebben het namelijk getest op onszelf. Wie de popmuziek een beetje heeft gevolgd kan daarnaast nog rekenen op gevoelens van nostalgie. Iets dat gratis is en je een goed gevoel geeft, waar vind je dat nog tegenwoordig? Niet in de prostitutie-branche, gokken wij zo.
Het toeval wil dat we de muziek van zijn labelmate Steinski ook helemaal grijs draaien. Net als het album van Girl Talk is dat meesterwerkje onlangs verschenen op het Illegal Art label. Weer een label dat we in de gaten moeten houden, alsof we het al niet druk genoeg hebben met het terughangen van gevallen kastanjes.
Steinski zijn achtergrond en status mogen zo algemeen bekend worden verondersteld dat we het hier afdoen met een wikepedialinkje. Zijn verdiensten gaan we niet nog eens opsommen. We moeten namelijk rekening houden met het concentratievermogen van onze lezers. Sommigen zullen nu al zuchten. Reden om het stukje maar eens af te ronden. Zonder overdrijving kunnen we stellen dat we met Steinski’s What Does It All Mean de heilige graal van het cutandpastegenre te pakken hebben. Maak je voor eens niet schuldig aan blasfemie en beluister dit met devotie.
|
| |
|
| |

|
Disrupt - Foundation Bit
Disrupt is een Duitser die dubstep produceert alsof hij in Kingston woont. Leipzig is de weinig aanlokkelijke plaats waar hij resideert. Geboorteplaats van klassiek componist en overtuigd antisemiet Richard Wagner. Zo op het eerste gehoor is Disrupt niet door deze druif beïnvloed, dat pleit voor hem. Hij maakt muziek voor de relaxte medemens. Fanatieke sporters, ADHD-adepten en andere hyperactieven zullen er niks mee hebben. Dit is voor types die menen dat ze na een middag loom rondhangen wel wat ontspanning hebben verdiend. Muziek voor luie zwijnen die niks liever doen dan recreatief drugs gebruiken. Ja, je kent ze wel, het soort volk dat ervoor terugdeinst om op te staan voor 13:00 uur. Figuren die geen verantwoordelijkheid nemen en de economie het slop inhelpen. Personen met een anti-sociale moraal zonder respect voor hardwerkende fatsoensrakkers.
Over naar de muziek.
Waar Burial het zoekt in de toekomst daar grijpt Disrupt terug op het verleden en hij doet dit met groot succes. Het is eigenlijk gewoon dubreggae. Veel galm en oude computergeluidjes in combinatie met strakke baslijntjes. Het roept herinneringen op aan Rhythm & Sound, King Jammy en de meer gangbare On-U-Sound releases. Dat wil zeggen als je ooit naar Rhythm & Sound, King Jammy en de meer gangbare On-U-Sound releases geluisterd hebt, anders schiet het niet op met die herinneringen.
De lol is er trouwens snel af als de aartsluie fan niet over de juiste speakers beschikt om alle basfrequenties goed weer te geven. Al die voorwaarden in ogenschouw nemend (aartslui, in het bezit van excellente speakers, het verkeren in een drugsmilieu) kunnnen we rustig stellen dat dit muziek voor criminelen is. Immers, welke andere groep beschikt over de financiële middelen om uitmuntende speakers aan te schaffen terwijl ze de hele dag een beetje de nietsnut uithangen?
|
| |
|
| |

|
Vibert/Simmonds - Rodulate
Het geheugen is een mooi iets, tenzij het niet meer zo goed werkt. We hebben er hier op de redactie ook wat problemen mee want we zijn de stagiair al een paar weken kwijt. En of 'ie nu vakantie aan het vieren is in Bakkum of dat we hem aan de Chinezen hebben verhuurd als Olympische roeispaan, we weten het niet meer. Gelukkig zijn we niet de enigen die hier last van hebben getuige deze cd. Vijftien jaar lang hebben Luke Vibert en Jeremmy Simmonds naar elkaar lopen zoeken. Tragisch.Waarschijnlijk hebben ze uiteindelijk maar de hulp van een prive-detective ingeroepen want ze hebben elkaar toch weer gevonden. Om dit te vieren is er meteen maar een cd uitgebracht met materiaal wat nog over was van de cd Weirs die ze vijftien jaar geleden samen hebben gemaakt. Erg verstandig want het is een geweldige plaat geworden. Het materiaal heeft de tand des tijds prima doorstaan en ook het remasteren is zeer voorspoedig verlopen. Funky beats, goedgerichte handclaps en solide grooves: we hadden ook niet anders verwacht. Alles wat meneer Vibert aanraakt lijkt in goud te veranderen.
Nu maar hopen dat ze zich meteen hebben laten chippen en ze allebei in het bezit zijn van een tracking device. Nog een keer zoveel jaren kwijt zijn aan naar elkaar zoeken is niet wenselijk. Een mens heeft meer te doen. Zoals het afleveren van topplaten bijvoorbeeld.
|
| |
|
| |

|
GZA - Pro Tools
Waarschijnlijk de oudste rapper waarvan we ooit een coole cd hebben gehoord. Begin veertig is hij misschien al wel. Nieuwe cd’s van Wu Tang leden geven we echter altijd een kans, vaak tegen beter weten in. Deze keer pakte het zowaar goed uit. Dat bewijst maar weer dat je het met de Wu Tang Clan nooit weet, het kan alle richtingen opgaan. Waarom het deze keer goed uitpakt weten wij ook niet. Misschien is het een midlifecrisis, misschien ook niet, het blijft toch gissen. Meestal zijn verhalen over midlifecrises geen successtories dus grote kans dat we het niet in die hoek moeten zoeken.
Valt het jullie ook op dat we onderhand nog geen zinnig woord over de cd hebben gezegd. CD is ook weer niet echt de juiste term aangezien we het gewoon als torrent van het internet geplukt hebben. Hoewel, toch beter om dat te ontkennen sinds het downloaden tegenwoordig verboden is. Laten we het erop houden dat we dit werkje eens een avond beluisterd hebben bij een vage kennis. We zullen zijn naam hier niet onthullen, je weet het maar nooit in Nederland. De RARA is tenslotte ook al bijna ontmaskerd. Wat dat met de GZA te maken heeft weten we ook niet helemaal. Laten we het erop houden dat hij gewoon een leuke cd heeft afgeleverd. Luister het eens bij een vage kennis en als je ouderwets wilt doen kun je het ook gewoon als vinyl aanschaffen.
|
| |
|
| |

|
Top Ranking Santogold: A Diplo Dub
Een mix-cd die door Levertraan met gemengde gevoelens wordt ontvangen, zal Diplo het zo bedoeld hebben? Niet dat wij het beter kunnen maar het moet ons toch van het hart dat de nummers die ons irriteren toevallig net de nummers zijn die erg lang doorgaan. Waarschijnlijk kent Diplo onze smaak en doet hij dit bewust. Hij is recent door Levertraan uitgeroepen tot artiest van de maand en sindsdien zijn de schijnwerpers weer ten volle op hem gericht. Gehecht als hij is aan een leven in de luwte baalt hij hier enorm van en dit zou best zijn kinderachtige manier kunnen zijn om wraak te nemen. De stakker. Santogold kennen we minder goed. Ze schijnt het hipste ding te zijn sinds M.I.A. maar dat geldt bij ons niet langer als een aanbeveling. Hadden we een lijst van meest overschatte cd’s van vorig jaar dan stond die van M.I.A. rotsvast op nummer één. Jammer want haar eerste was best leuk. Maar goed, we dwalen af. Santogold boeit ons niet bovenmatig maar ze doet een leuke cover van I Need Love van LL Cool J en het nummer Guns Of Brooklyn zou eigenlijk een grote zomerhit moeten zijn. Deze cd is trouwens veel meer dan Diplo en Santogold. Diplo mixt meer dan dertig nummers van de meest uiteenlopende groepen aan elkaar. Bij het woord ‘genre’ knippert Diplo ongetwijfeld niet begrijpend met zijn ogen. Voor hem is het allemaal muziek, het opdelen in hokjes laat hij graag over aan anderen. De liedjes van Santogold komen zo’n tien keer voor in de mix. Andere artiesten zijn o.a. de B 52’s, Sir Mix-A-Lot, Desmond Dekker, Aretha Franklin en Benga. We zijn niet snel bang maar het is bijna beangstigend wat die Diplo allemaal door elkaar gooit.
|
| |
|
| |

|
Mochipet - Microphonepet
Mochipet heeft al meerdere genres getackeld met zijn knallende beats. Deze keer was het de beurt aan hiphop om aan stukken gescheurd te worden. Sommige rappers hebben hoorbaar moeite met zijn elektronische fratsen maar het merendeel weet er wel raad mee. Wij hadden het niet verwacht maar een positieve benadering is dan ook nooit onze sterkste kant geweest. Mochipet houdt het gevarieerd en hij klinkt als een kruisbestuiving tussen Prefuse 73 en Daedelus. Het zou allemaal heel goed passen in de catalogus van Ninja Tune. Dat het nooit eentonig wordt is ook te danken aan de meer dan twintig rappers die meedoen. Toch blijft het voornamelijk Mochipet zijn feestje. Hij is dan ook zeker geen nitwit. Zo heeft deze Taiwanees z’n eigen Daly City Records label en probeert hij al jaren zijn snorkeldiploma te halen, tevergeefs tot dusver. Laat dat echter geen reden zijn om zijn muziek te boycotten. De man houdt zijn hobby's strikt gescheiden. Iedereen die een portie snorkelmuziek verwacht zal dan ook van een koude kermis thuiskomen. De selecte groep die zich graag laten overrompelen door een combinatie van IDM en hiphop zal hier echter van smullen.
|
| |
|
| |

|
FabricLive 39 (DJ Yoda) en 40 (Noisia)
Solid Steel is niet het enige label dat mix-cd’s uitbrengt die de moeite waard zijn. Het klopt dat ze de lat hoog hebben gelegd maar Fabric lijkt die standaard te kunnen volgen, anders dan bijvoorbeeld DJ Kicks dat de weg is kwijtgeraakt na een goed begin. Kwantitatief gezien is Fabric sowieso veel sterker dan Solid Steel. Ze zijn inmiddels al toe aan Fabric 41 en FabricLive 40 terwijl Solid Steel de tien nog moet halen. Omdat we FabricLive de beste variant vinden bespreken we uit die serie om te beginnen een recent werkje van DJ Yoda. Deze cut & paste master, bekend van de driedelige serie How To Cut & Paste, laat dat gecut & gepaste nou eens achterwege. In plaats daarvan mixt hij zonder al teveel flauwekul zijn favoriete muziek aan elkaar. Vanwege zijn gezonde neiging om zichzelf niet al te serieus te nemen worden we opgezadeld met een obscure brassband coverversie van Marvin Gaye’s ‘Sexual Healing’ en ‘The Salmon Dance’ van The Chemical Brothers. Ook veel hiphop uit de jaren tachtig en negentig. Zijn ingeving om gelijk in het begin Blister In The Sun van rockband Violent Femmes te draaien is wat eigenaardig maar over het algemeen hebben we ons prima vermaakt met de onverwachte keuzes van DJ Yoda.
Op FabricLive 40 heeft Neerlands trots Noisia de regie in handen. Om dit te benadrukken bestaat de cd voor meer dan vijftig procent uit Noisia producties. Funky Drum'n' Bass waar niet mee te spotten valt. Bij vlagen klinkt het alsof angstaanjagende, futuristische computers klaar staan om de mensheid uit te roeien met één alles beslissende aanval. Creepy en waarschijnlijk niks voor je moeder. Ook voor het opleuken van gouden jubilea zal dit trio niet snel gevraagd worden. Dat doet niks af aan het feit dat ze met deze cd opnieuw bewijzen tot de elite der D'n'B’ers te behoren. Voor het evenwicht staan er ook enige downtempo nummers op maar over het algemeen is het muziek die je overrompelt. Yoda’s beroemde uitspraak ‘May the force be with you,’ slaat niet voor niks op een ieder die de muziek van Noisa durft te ondergaan.
|
| |
|
| |

|
Herbaliser - Same As It Never Was
Bij het beluisteren van de zesde cd van een groep bestaat de kans dat je gaat denken: tja, nou hebben we het zo langzamerhand ook wel gehoord. Dan heeft het nog vrij lang geduurd want de meeste groepjes verlies je al na een cd of twee uit het oog. Dat het ook anders kan bewijzen de dudes van Herbaliser. Ze hebben net hun zesde cd uitgebracht en ze wekken nog steeds geen irritatie op. Zoiets mag wel in de krant, of beter nog, op Levertraan. Die kranten van tegenwoordig worden toch niet meer gelezen en Levertraan heeft veel beter in de gaten hoe het z’n doelgroep moet bedienen. Bij ons bijvoorbeeld geen saaie kost over natuurrampen en de gevolgen hiervan voor de garnalenpellers uit Alblasserdam. Over oorlogen reppen we ook met geen woord, iedereen weet inmiddels wel dat die schadelijk zijn voor de gezondheid. Wat veel minder mensen weten is dat de leden achter Herbaliser niet stil staan in hun ontwikkeling en één der beste cd’s van het jaar hebben afgeleverd. Levertraanlezers zijn bij deze in elk geval op de hoogte gebracht. Een zomers en energiek plaatje is het geworden, dit dankzij de toevoeging van een soulzangeres die als een echte diva gelijk maar een hoofdrol opeist. Gelukkig is men de hiphop niet helemaal vergeten en staan er ook weer enkele downtempo nummers van hoog niveau op. Nou maar afwachten of ze op hun zevende cd eindelijk eens op hun bek gaan. Constant jubelverhalen moeten neerpennen uit naam van de objectiviteit, daar worden we nou echt chagrijnig van.
|
| |
|
| |

|
Tipper - Wobble Factor
De vorige release van Tipper, Tertiary Noise, draaien we hier nog dagelijks. Het komt ons dus ook helemaal niet zo goed uit dat hij alweer iets nieuws heeft gemaakt. Niet dat we er niet blij mee zijn, we moeten gewoon nog even bijkomen van de vorige. Zoiets kost nou eenmaal tijd bij ons. Tenzij het natuurlijk een cd van zoiets baggerigs als Racoon of DJ Tiësto betreft. Daarvan weten we binnen een halve nanoseconde dat het ding thuishoort in een versgegraven latrine. Zonder toiletverfrisser uiteraard.
Wobble Factor is de titel van het nieuwe werkje dat net als de vorige uitgave alleen als betaalde download (of niet) verkrijgbaar is. Dat is jammer, maar als de man in dit tempo doorgaat met het uitbrengen van muziek zij het hem vergeven. Helemaal als het van dezelfde kwaliteit is. Wobble Factor is namelijk weer één groot feest om naar te luisteren. Voor jezelf dan. De buren zullen je naam waarschijnlijk vrij snel doorgeven aan een no cure/no pay huurmoordenaar. De bassen zijn namelijk weer zo zwaar dat ze je al na een half liedje dood zullen wensen.
Wat ons aan deze plaat nog het meest opviel zijn de titels. Zo nietszeggend zagen we ze niet vaak. Of wij zitten ernaast en Snot Rocket, Jibber Jabber, Hobbledehoy en Rikkitikkitavi hebben een veel diepere betekenis die wij gewoon niet kunnen bevatten. Maar aangezien we dat niet geloven, willen we Tipper de volgende tip geven: vernoem je liedjes eens naar beroemde Nederlandse agrariërs! Kunnen wij ons ook eens een beeld vormen bij de titels. En voor hij het weet heeft hij misschien wel een miljoenendeal bij de KRO te pakken als componist van de nieuwe serie: Boer zoekt ranzig sletje. Altijd leuk!
|
| |
|
| |

|
The Cool Kids
Veel commotie omtrent deze kids. Velen vinden het niet meer dan een gimmick. Anderen zien ze als een regelrechte sensatie. Wij kiezen voor een gematigd positieve benadering. De openingstrack belooft veel goeds maar al in het tweede nummer komt een zielig refreintje langs. Zo gaat het een beetje de hele cd door. Kale, Neptunes-achtige synthesizer beats met old-skool invloeden en raps waaruit zonder meer een gezonde obsessie met 1988 te destilleren valt. Je kan het een gimmick vinden (de naam alleen al) maar er zijn mindere rappers op deze planeet. Een nummer over hun coole fietsen is ook erg verfrissend in tijden van eindeloos gejengel over gepimpte auto’s. Van de tien nummers zijn er toch minstens vijf de moeite waard en op welk hiphopalbum kom je dat tegenwoordig nog tegen? Aan de andere kant spreek je dan over een kwartiertje goede muziek dus waar hebben we het over. Inderdaad, wij hebben ook geen idee. Heeft iemand nog behoefte aan de namen van de emcees of gelooft iedereen het verder wel? Dachten we al. Het boeit ons eigenlijk net zo min. Sluiten we af met de conclusie dat het met die controverse wel mee lijkt te vallen.
|
| |
|
| |

|
Portishead - Third
Portishead, we dachten dat ze dood waren, ter ziele gegaan samen met de jaren negentig. Hun hoofden per ongeluk in een shredder ofzo. We zaten er weer eens naast. Maakt ook niet uit. De grote vraag is natuurlijk of ze in de eenentwintigste eeuw nog enige relevantie hebben. Dat lopen we eens deskundig na. Het eerste nummer heet Silence. Enig gebrabbel in een vreemde taal waarna een breakbeat het roer overneemt. Na zo’n 2 minuten begint Gibbon te zingen. Erg mooi voordat het abrupt eindigt. Hunter is een sloom en mysterieus nummer zoals Portishead ze wel meer gemaakt heeft. In een kritische bui noemen we het braaf voortkabbelend. Nylon Smile heeft duffe percussie en duffe zang. Komen we aan bij The Rip dat begint met een akoestische gitaar, het duurt tot halverwege de track voordat het leuk wordt. Zonde van die eerste minuten want zoiets luister je natuurlijk nooit meer. Vervolgens Plastic, een nummer met een helikoptersound. Topsong. We Carry On is een stevig nummer voor Portisheadbegrippen en een ander hoogtepunt. Zou zo maar een festivalhit kunnen worden. Deep Water kunnen we beter vergeten. Ukelelemuziek. Dan de eerste single Machine Gun. Waarschijnlijk gekozen om te benadrukken hoezeer ze veranderd zijn. Staccato drums all over the place en mooie zang. Small is een song waar Radiohead jaloers op zal zijn. De groepen zouden eens hun zangers moeten uitwisselen. Pakt ongetwijfeld goed uit. Zo was Magic Doors misschien nog beter geweest als Tom Yorke het had gezongen. Misschien ook veel slechter. Over dat soort zaken kun je eeuwig filosoferen als je geen leven hebt. Als afsluiter Threads dat weer aan de vroegere Portishead doet denken. Zo eindigen ze toch waar ze veertien jaar geleden zo beroemd mee werden.
|
| |
|
| |

|
Lyrics Born - Everywhere At Once
Feelgood music. Zou zelfs wel eens een zomerhit tussen kunnen zitten. Lyrics Born is bovendien al jaren één van de weinige rappers die we wel waarderen. We komen er gewoon niet onderuit om er hier iets over te zeggen, ook al is het onzin. Everywhere At Once valt op omdat het veel muzikaler klinkt dan de gemiddelde hiphopplaat. Geen loodzware beats en grimmige teksten maar nummers met een echte band en Lyrics Born die rapt alsof hij de tijd van zijn leven heeft. De muziek zou zo uit een strandtent kunnen schallen en misschien doet het dat ook wel. Dansende vrouwtjes, een barbecue, bier, we zouden er zo bij gaan zitten ware het niet dat we gruwelijk de pest hebben aan strandtenten. Lelijk gebruind schorriemorrie behangen met blingbling, zet er een hek omheen en bombardeer het plat. Dat is ons advies maar van Lyrics Born zal je zulke uitspraken niet horen. Het is een vreedzaam mannetje. Vroeger maakte hij experimentele rap met Latyrx maar daar is tegenwoordig weinig meer van te merken. Zijn zangerige rapstijl klinkt op deze cd erg aanstekelijk, je zou het zelfs commercieel kunnen noemen. Alledaagse zaken als relaties, oorlog en sneakers passeren de revue. Ingetogen klinkt hij op het gevoelige Whispers, de titel zegt het eigenlijk al. Voor de rest is het funky cross-over hiphop in een energieke Lyrics Born stijl. Laat die vervloekte zomer nou maar komen ook.
|
| |
|
| |

|
Eliot Lipp – The Outside
Leuke muziek waar we niemand over horen, in die categorie valt The Outside. Dan sta je als internetmagazine voor de lastige opgave om er zelf maar enige aandacht aan te besteden. Moeten we weer benoemen met wat voor genre we te maken hebben, onderzoeken of de artiest in kwestie een nazi is en ons druk maken over niet gecheckte roddels die we bovendien zelf de wereld ingeholpen hebben. Het is altijd wat met die recensies, waren we er maar nooit aan begonnen. Neem alleen al het genre. Instrumentale hiphop met electro-invloeden. Veel gedoe met synthesizers en dergelijke. Eigenlijk zouden we ook iets moeten doen met de term Acid maar dat laten we achterwege. Z’n nazistische ideeën dan? Heeft hij niet volgens de laatste bevindingen. Zijn er roddels? Hij schijnt een nazi te zijn maar dat hebben we nooit gecheckt en bovendien alweer ontkracht. Zo schiet het niet op. Download de shit gewoon een keer op je gemak en concludeer dat Eliot Lipp bij vlagen klinkt als het simpele broertje van Luke Vibert. Het kabbelt allemaal lekker door en wij nemen er geen aanstoot aan. Misschien is dat net het probleem want waarschijnlijk zijn we de plaat over twee weken alweer helemaal vergeten.
|
| |
|
| |


|
Recente Hiphop van de Westcoast
We hebben het in de vorige recensie al gehad over de deplorabele staat waarin hiphop uit New York zich bevindt. Het is dus niet meer dan redelijk dat we ook de Westcoast eens onder de loep nemen. Del The Funky Homosapien en The Mighty Underdogs leken ons wel representatief, beide zijn immers al jaren bezig. Del kennen we allemaal als het neefje van Ice Cube, de oprichter van het Hierolglyphics-imperium en het hitje Mistadobalina uit 1992. Z’n eerste nieuwe cd sinds 2000 was iets om naar uit te kijken, al was het alleen maar omdat hij als enige rapper de moeite heeft genomen om vier jaar lang muziektheorie te studeren. Heeft het wat opgeleverd? Op het eerste gehoor zijn de resultaten redelijk. We hebben er nog een tweede en een derde keer naar geluisterd, maar nee, we kunnen het niet afzeiken. Del produceert het allemaal zelf en hij rapt relaxed en vol zelfvertrouwen. Het is wel jammer dat alle nummers op elkaar lijken. We gaan the Eleventh Hour dan ook zeker niet de hemel in prijzen. Ervan uitgaande dat hij zijn nieuw verworven muziekkennis heeft aangewend voor dit werkje, denken we dat hij geslaagd is met een kleine zeven. Lang niet slecht maar laten we wel wezen, hij mag al lang blij zijn dat we er hier op Levertraan enige aandacht aan besteden.
Dan The Mighty Underdogs. Een nieuwe groep bestaande uit Gift Of Gab, Lateef en producer Headnodic. Ze hebben een EP uitgebracht met zes nummers waarop onder andere genodigden als DJ Shadow en MF Doom te horen zijn. Vroeger zouden we van zo’n line-up dolenthousiast worden maar tegenwoordig zijn we ouder, wijzer en vooral lamlendiger. Zelfs het nieuws dat wetenschappers Bob Marley tot leven willen wekken, castreren en onderbrengen bij een Zwitsers jongenskoor doen we heden ten dage af met een nonchalante schouderbeweging. Men doet maar. Terug naar The Mighty Underdogs. Hoewel het erg goed begint wordt de sound gaandeweg wel erg gladjes. Het is verantwoorde hiphop voor volwassenen. Met deze EP, toepasselijk The Prelude genoemd, maakt men ons lichtelijk nieuwsgierig naar de cd. Hysterische reacties blijven echter uit. Daarvoor zijn we dan ook veel te oud.
|
| |
|
| |

|
Recente Hiphop uit New York
We zijn eigenlijk redelijk uit de hiphop sinds types als Lil Wayne de scepter zwaaien binnen het genre. Er komt tegenwoordig zoveel bagger uit dat we ons er niet meer mee bezig houden. We hebben het simpelweg uitbesteed aan een paar homies die ons van de laatste ontwikkelingen op de hoogte houden. Eén van die homies stuurde ons de nieuwste ceedees van Pete Rock en Mighty Joseph. In ruil daarvoor stuurden we hem een oprolbaar zebrapad in de kleuren paars en geel, voor wat hoort wat. Hoewel de verwachtingen laag waren hebben we beide schijfjes braaf gedraaid alvorens een mening te vormen. Allereerst Pete Rock. Het gaat volgens het vertrouwde recept. Pete legt de beats neer en nodigt Eastcoast mc’s uit voor de raps. Soms kickt hij ook zelf de lyrics. De beats zijn het probleem niet. Het is alleen die soms onbegrijpelijke keuze van rappers. Een stotteraar die betoogt dat hij het tot zijn levenswerk heeft gemaakt om abonnementen van wildvreemden op te zeggen is beter te pruimen dan een type als Jim Jones. Pete is zelf ook niet de meest spectaculaire rapper. Anderen doen het iets beter maar zelfs Raekwon en Redman kunnen de cd niet redden. Had hij dan maar Vast Aire en Karniege moeten uitnodigen? Niet per se. De twee laatstgenoemden vormen samen het groepje Mighty Jospeh. Vast Aire kennen we van het groepje Cannibal Ox dat voor het eerst en gelijk ook voor het laatst iets fatsoenlijks uitbracht in 2001. Samen met Vordul Mega rapte hij destijds de klassieker Cold Vein vol. Solo verging het hem sindsdien een stuk minder en daarom moest hij op zoek naar een nieuwe partner in rhyme. Dat werd Karniege, een voormalig balletje-balletje speler die steeds gepiepeld werd en wel eens klusjes opknapte in de Def Jux studio. Helaas is dit bloedeloze standaard underground hiphop zonder hoogtepunten of dieptepunten. De vele producers en rijmende gasten doen in saaiheid niet voor elkaar onder. Je vraagt je af wie zoiets nog koopt. De hiphopscène van New York is dus nog steeds niet uit zijn coma ontwaakt.
|
| |
|
| |

|
Tipper – Tertiary Noise
Het was Tipper bijna gelukt, maar het is ons toch niet ontgaan dat hij een nieuwe plaat heeft gemaakt. Wederom is de promotie volledig achterwege gelaten maar ach, we zijn niet anders van hem gewend. We wensen hem maar weer eens beterschap met zijn succesallergie, we moeten er niet aan denken om het te hebben.
Het album bevat remixes en remasters van ouder werk en is tot op heden alleen als download verkrijgbaar (de Flacversie kost maar 13 dollar, echt een koopje). Wat hem toch bezielt om zijn muziek zo aan te bieden blijft ons een raadsel. Tipper is één van de beste producers van deze planeet en zijn cd’s worden zelfs in audiofiele kringen geprezen. Maar dan moeten het wel cd’s zijn en geen downloads. Gelukkig verscheen zijn vorige werkje na lange tijd toch wel op cd en we hopen dan maar dat dat nu ook weer gebeurt.
Maar goed, genoeg nonmuzikale blabla. Ook al zou het dus nog een stuk beter kunnen klinken, het is weer één groot feest. Klassiekers als Multiplexus, Dissolve en Open The Jowls komen voorbij en zeker niet onopgemerkt. De bassen rollen door tot aan de buren drie deuren verderop, de gekke geluiden lijken overal vandaan te komen en af en toe trillen de dakpannen weer als vanouds van het dak. Tipper is in vorm en weet weer een topplaat af te leveren. We danken hem hartelijk.
|
| |
|
| |

|
The Ace Of Clubs – Benefist
Om weer eens te bewijzen dat Levertraan graag achter de feiten aanloopt nog even een recensie van deze topplaat uit 2007. De hoofdreden om dit album te recenseren is dat het schijfje slechts 17 euro kost. Nog steeds belachelijk veel maar in vergelijking met de meeste van zijn soortgenoten toch een verademing. En aan de muziek ligt het zeker niet, het is een goede plaat. Waarschijnlijk heeft de lage prijs te maken met het artwork van het hoesje. Het ziet er zo kinderlijk uit dat de kans groot is dat hij één van zijn dochters heeft ingezet om het te vervaardigen. Het maandelijkse zakgeld van een jong meisje is vast niet zo hoog als het uurtarief van een grafisch ontwerper. En dus weer een raadsel opgelost, misschien moeten we eens onze diensten aan Peter R. de Vries aanbieden. Wie weet vinden we wel de McDonalds waar Elvis tegenwoordig werkt.
Ace Of Clubs is een alias van Luke Vibert die hij in 2002 met de plaat Classid Trax het licht liet zien. Doordat de man gebukt gaat onder de last van een veelheid aan aliassen, heeft het vijf jaar geduurd voor hij weer iets nieuws onder deze naam uitbracht. Het was het wachten waard. Het is niet de meest originele muziek die hij tot nu toe heeft gemaakt maar dat boeit ons voor geen meter. Het is fris klinkende electro/acid/disco (of zo) die hier op de Levertraanburelen de voetjes met gemak van de vloer krijgt. Het belangrijkste pluspunt is echter de productie. Luke Vibert is namelijk een meester op dat gebied en ook deze plaat is weer een feest voor de oren. Daarom maken we er verder ook niet meer woorden aan vuil dan deze: Kopen Dit Meesterwerk!
|
| |
|
| |

|
Daedelus – Live At Low End Theory
Daedelus is vernoemd naar de Willy Wortel van de Griekse mythologie omdat hij in zijn jeugd een grote robot bouwde. Hij beschouwde hem als zijn vriend en draaide helemaal door toen de robot uit elkaar viel wegens metaalmoeheid. ‘Lui zwijn,’ schreeuwde hij tegen de resten waarna hij zich omdraaide om zich voortaan op de muziek te richten. Na een gestage stroom releases van wisselende kwaliteit heeft hij nou een liveset in één of andere hippe club op cd uitgebracht. En hij draait niet zomaar enkele hitjes aan elkaar. Nee, het is één grote brij van avant-gardistische elektronica met overstuurde hiphopinvloeden. Af en toe lijkt het nog het meest op een dolle achtbaanrit. Laten we het er maar op houden dat zijn muziek nooit mainstream zal worden of er moet op grote schaal LSD door het leidingwater gegooid worden. Het lijkt ons ook bijzonder geschikte muziek om gevangenen op Guatanamo Bay 24 uur per dag aan bloot te stellen. De waterboarding techniek zal overbodig blijken. Dit betekent niet dat we met een slechte cd te maken hebben, maar met muziek uit de IDM hoek moet je oppassen. Niet iedereen heeft er de oren voor. Let’s face it, voor mensen boven de veertig is de stroming eigenlijk niet te doen. Waarschijnlijk iets met een referentiekader dat ontbreekt maar echt uitgezocht hebben we het nooit. Gaan we ook niet doen. Vooralsnog is dit het beste wat 2008 te bieden heeft. Wen er maar vast aan.
|
| |
|
| |

|
Vampire Weekend – Vampire Weekend
Dit is dus de hype van het moment als we internet mogen geloven. Een stuk of vier brave afgestudeerde studentjes. Goedgemanierd, weldoorvoed en netjes in de kleding. Allemaal een scheiding in het haar. De muziek zou Afrikaanse ritmes met Indypop verbinden. Het is allemaal niet aanstootgevend en eigenlijk kabbelt het best wel lekker voort. Vergelijkingen met Paul Simon en Peter Gabriel worden gemaakt en die zullen vast wel kloppen maar het blijft wat tam. Hoewel er geen slechte nummers opstaan is het meer iets voor de EO-jongerendag. We zien de band zo optreden voor een publiek dat naïef de voetjes van de vloer doet met een glaasje prik in de hand. Jongelui die op zendingsmissie naar Donker Afrika willen zullen het zeker weten te waarderen. Vergeleken met de Animal Collective hype van vorig jaar is het allemaal wat makkelijker te verteren. Niet dat we het niks vinden maar de superlatieven die ineens over Vampire Weekend worden uitgestort laten ons toch in lichte verbijstering achter. Vermoedelijk zal de muziek komende zomer vooral te beluisteren zijn op terrasjes waar witbier drinkende, colbertdragende, corporate yuppy-fucks van boven de dertig graag vertoeven. Types die het OOR magazine nog steeds zien als de Indybijbel die het eigenlijk nooit geweest is. Ons oordeel: leuk maar laten we a.u.b. niet overdrijven.
|
| |
|
| |

|
LoDeck – Behold
Helaas, het is te laat voor eindejaarslijstjes anders was deze cd op z’n sloffen onze muziek top tien binnengesjokt om plaats te nemen op nummer vijf. Aan LoDeck lag het niet, hij bracht z’n cd keurig ergens in 2007 uit. Het is die Levertraanmentaliteit. De verwachting is dat die niet verandert in 2008. Zelfs niet als dit betekent dat iemand als LoDeck daar de dupe van wordt. Wat kan ons die man ook schelen.
LoDeck is gewoon een Russische immigrant uit Brooklyn die graag tandarts had willen worden getuige zijn cd Dream Dentristry uit 2003. Zo’n studie heeft natuurlijk nogal wat voeten in de aarde en daarom rapt hij nog steeds. Hij klinkt als een kruising tussen RA the Rugged Man, Aesop Rock en een obscuur Wu Tang lid en dan weet je wel genoeg. Misschien ook niet maar een verdere uitleg kun je echt vergeten. Wat valt er over Behold te zeggen? Rhymin Into Gasmasks, is het mooist getitelde nummer, helaas niet het beste. Is het Lodeck z’n langverwachte conceptalbum over de glorieuze opkomst van een immigrant gewapend met een quarter-gallon of vodka, een kettingzaag en een microfoon die, vergezeld door acht Russische maagden, de ghetto’s van New york doorkruist? Nee. Het is gewoon een album waarop Lodeck uitlegt hoe ziek hij van alles is. Hij doet dit ritmisch in rijmvorm over moody, headnoddin beats. Het blijft hiphop natuurlijk. Blockhead remixed ook nog twee nummers. Dit om aan te geven in welke hoek je het moet zoeken. Verdere hints geven we niet. Rest ons nog op te merken dat het niet veel zegt dat deze cd überhaupt in onze eindejaars top tien zou staan. Het was immers een hondsberoerd muziekjaar.
|
| |
|
| |

|
Luke Vibert: Chicago, Detroit, Redruth
Jean-Jacques Perrey/Luke Vibert: Moog Acid
In de eerste plaats wil Levertraan Luke Vibert beterschap en een spoedig herstel wensen. Luke Vibert is namelijk de man van de vele aliassen en twee platen achter elkaar uitbrengen onder zijn eigen naam is ronduit vreemd. Of hij is ontvoerd door aliens die hem nu als een robot aansturen of hij is dus ziek. Aangezien de platen erg Vibertachtig klinken opteren wij voor het laatste. Tenzij de aliens natuurlijk zijn brein hebben geassimileerd en nu in staat zijn om net zulke muziek te maken. Maar ja, dan is het einde ook echt zoek. Laten we maar eens wat onzinnigs over de platen zeggen.
Chicago, Detroit, Redruth is uitgebracht op het label Planet Mu en zouden we willen omschrijven als prettige discobreakbeatfunk met een fluwelen randje, dit alles uiteraard in een nonGothic sausje. Met al die verschillende stijlen tegenwoordig is het verstandig om het zo breed mogelijk te houden, voor je het weet wordt je ervan beschuldigd er niets van te snappen. Boeit ons verder ook niet, wij noemen het gewoon een topplaat. Net of de heer Vibert iets anders maakt. Om ons punt te onderstrepen hieronder nog een recensie van een topplaat van de man.
Moog Acid is een samenwerking tussen sample- en Moogpionier Jean-Jacques Perrey en Luke Vibert. En zoals de titel al doet vermoeden is men druk in de weer geweest met Moog-apparatuur. Het resultaat is geweldig. Enige nadeel van de plaat is dat er kleine stukjes op gesproken worden door de makers. Het Franse accent van meneer Perrey lijkt zo sterk op dat van Jacques Cousteau dat wij dachten naar een Cousteaufilm te kijken. Volledig verbijsterd zaten we naar het zwarte beeld van de tv te staren totdat we doorhadden dat het niet Cousteau was en dat we naar een cd luisterden. Geen groot probleem maar we wilden het toch even benoemen. Een kleine kritische noot om de heren scherp te houden.
|
| |
|
| |

|
De Huilende Rappers
Eindelijk een stel hiphoppers dat zich echt aan het adagium Keeping It Real houdt. Geen dansplaats/sjansplaat gelul of zelfvernederende kulpraat over een land van frikadellen en kroketten. Nee, gewoon de werkelijkheid in zijn rauwe vorm bezien door de ogen van koelbloedige gangsters uit het hoge noorden. Of Ridders Van De Droge Cracker, zoals ze zichzelf ook wel plegen te noemen. Deze gasten snijden onderwerpen aan waar iedereen over kan meepraten. Zoals de immer terugkerende, tijd vretende bezigheid genaamd slaap. Ze hebben het slaapprobleem weten te tackelen en zijn niet te beroerd om in het nummer Diep In De Nacht uit de doeken te doen hoe. In het nummer Kans Van Slagen horen we over de problemen rond het behalen van een slagersdiploma. Kennen we allemaal niet iemand die zich ooit in dat vaarwater bevond? Wat Levertraan betreft is het volledig autobiografische Ik Ben Een Gangster het hoogtepunt van hun oeuvre. Nooit eerder kregen we zo’n rauw relaas over bijvoorbeeld het schuren van smatjes te horen. Rappers aller landen zouden een voorbeeld aan De Huilende Rappers moeten nemen, niet in de laatste plaats vanwege de beats. Die zijn namelijk fantastisch! Geen derderangs soepblikbeat of zo, deze figuren weten echt van wanten. Dat beatsbouwen vinden ze sowieso nogal leuk want de heren schijnen zich op de woensdagmiddag altijd bezig te houden met het vervaardigen van Drum ’n Bass onder de naam Noisia. Niet onverdienstelijk ook nog eens maar dat is iets voor een andere keer. De muziek van De Huilende Rappers is helaas niet verkrijgbaar bij de lokale platenboer maar is wel gratis en voor niks te downloaden op hun myspacepagina. Maar wees gewaarschuwd, dit zijn echte gangsters!
|
| |
|
| |

|
Burial - Untrue
Groot-Brittannië: eiland van linksrijders, notoire zuipschuiten en een klimaat zo beroerd dat ze al jaren proberen om het in te ruilen tegen het onze. Daarnaast houden ze van tradities als het ontwikkelen van seksuele aberraties op dure kostscholen, het naar binnen werken van een cholesterolbom als ontbijt en de wekelijkse muziekhype. Om die laatste is het ons hier te doen. De omhooggeschreven groepjes zijn week na week slap jengelende wannabee Beatles met bijbehorende kapsels waarmee onherroepelijk de kachel wordt aangemaakt na de presentatie van hun langspeler.
Waarschijnlijk per ongeluk bewierookt men zo af en toe de juiste persoon, wat zo iemand dan natuurlijk de schrik van zijn leven bezorgt. Dit geldt zeker voor iemand als Burial die uiterst anoniem opereert in het toch al obscure genre dat normaliter als dubstep wordt gekwalificeerd. Een muziekstroming die nog niet veel cd’s heeft opgeleverd. Des te opvallender dat het alweer de tweede plaat is voor Burial, die hiermee een kwart van het totale aantal langspelers in het genre voor zijn rekening neemt. Ongetwijfeld wordt de man in puriteinse kringen als een sell-out verketterd maar daar hebben wij niks mee te maken. Zijn muziek intrigeert vanwege het desolate karakter. Alsof de informatiemaatschappij ter ziele is gegaan en de laatste laptop in handen is gevallen van een mysterieuze sjamaan die er, op een avond bezwangerd door het aroma van marihuana, de geesten van zijn voorouders mee probeert op te roepen. Muziek die onheilspellend voortkruipt en ook wel het comateuze zoontje van de Drum ‘n Bass wordt genoemd. Men zou Untrue van Burial ook kunnen beschouwen als de logische opvolger van Tricky’s Maxinquaye. Een mazzeltje voor Burial is dat zijn muziek nooit zal eindigen als liftmuziek, aangezien vrijwel alle recensenten het als claustrofobisch omschrijven.
|
| |
|
| |

|
Danger Mouse – From Man To Mouse
De toch wel degelijk vermoorde Big L opent deze verzameling Danger Mouse remixes met de raadselachtige zin ‘You Can’t Kill Me, I Was Born Dead.’ Hebben we hier nou wel of niet te maken met een typisch geval van zelfoverschatting? Het getuigt toch niet meteen van een hoge eigendunk wanneer je beweert dat je dood geboren bent. Ook lijkt het een claim die makkelijk te weerleggen is. Raadpleeg gewoon een arts. Laat hem enkele hersenfuncties en de hartslag controleren en het pleit is beslecht. Danger Mouse staat er niet te lang bij stil en gaat samen met Jemini, Cee-Lo en The Alkaholiks verder met het feestelijke What You Sittin On.
Brother Murs richt zich vervolgens tot een black boy. Wij zijn groene meisjes en dus luisteren we maar half, woedend dat we uitgesloten worden.
Om te bewijzen dat Danger Mouse meer is dan een hiphopproducer krijgen we op side B een remix van Super Furry Animals te verstouwen, niet eens onaardig. John Robinson (van Science Of Life) doet solo zijn ding op het lui getitelde JR DM waarna
Zero 7 en de onvermijdelijke MF Doom ook nog even vakkundig door de mixmangel worden gehaald. Gelijk na afloop van het nummer kunnen we alweer opstaan om de plaat te verwisselen. Jawel, we hebben een dubbelelpee gekocht en dat niet zonder reden. Het artwork is namelijk van Banksy en dat fleurt zelfs de meest troosteloze muur op. Veel tijd om stil te staan bij troosteloze muren hebben we niet want side C begint met een mash-up van Portishead en Nas. Uit de tijd dat mash-ups nog leuk waren. Het wordt gevolgd door een middelmatige remix van Dinah Washington’s Baby Don’t You Hear. Jemini maakt een tweede opwachting, geassisteerd door J-Zone die rapt over seks met Britney Spears. Moet wel een oud nummer zijn denk je dan, en dat is het ook. We kijken nog even vertederd naar de voorheen zo troosteloze muur van ons redactielokaal voor we overgaan naar side D. Chestnut Park van Pelican City. Dit is een alias van Danger Mouse uit zijn triphoptijd. Een slaapliedje vergeleken met de chaos die de gasten van The Alkaholiks er vervolgens van maken. Goede afsluiters zijn Jemini en Sadat X op een remix van Ghetto Pop Life.
Zo, ben je weer op de hoogte.
|
| |
|
| |

|
Madlib - Beatkonducta In India Volume 3
De man komt nog eens ergens, en het gekke is, dat zou je niet verwachten. Er is niemand die momenteel meer muziek uitbrengt dan Madlib, a.k.a. Quasimoto, a.k.a. Sound Directions, a.k.a. noem het maar op. Beatkonducta In India is niet eens zijn laatste release. Dat is Yesterdays Universe van Yesterdays New Quintet, een slordig jazz-project waarin hij zichzelf opdeelt in vijf personen, elk voorzien van een nieuw pseudoniem. Critici menen, heel voorspelbaar, dat hij eens wat langer aan een plaat zou moeten knutselen. Dan zou er wel eens een klassieker uit zijn koker kunnen rollen, zo denken ze. Hallo sukkels, zijn jullie het juweeltje Madvillian al vergeten? De beste hiphopplaat van de eenentwintigste eeuw!
Het moet gezegd, Beatconducta In India zal geen klassieker worden. Toch is het één van de beste hiphopplaten van het jaar. Waarom? Omdat goeie hiphop tegenwoordig zo schaars is als een autoband in een brillenwinkel. That’s why. Misschien helpt het ook dat het een instrumentaal album is. Levertraan vindt rappers zo passé.
Deze plaat is bedoeld als soundtrack voor een denkbeeldige Bollywoodfilm. De DVD blijft ons dus bespaard en dat is maar goed ook want als we ergens zwaar duizelig van worden dan is het wel van Bollywoodfilms. Wij weigeren ze te kijken zonder een pil van Drion binnen handbereik.
En dan nog, wat voor film uit Bollywood moeten wij ons voorstellen bij een hiphopsoundtrack? Een homie uit Compton die boven Bombay uit een vliegtuig is gevallen en al rappend door de straten loopt? Zo één die af en toe een breakdancemove maakt om een nietsvermoedende Maharadja in een riksja de stuipen op het lijf te jagen? Nee, de film was niks geworden. De plaat is dat gelukkig wel.
|
| |
|
| |

|
Bola - Kroungrine
Bola maakt muziek waar je de juiste speakers voor wilt aanschaffen. We kennen iemand die net zo lang banken heeft beroofd tot zijn installatie perfect was voor deze cd. Hij heeft er geen moment spijt van gehad. ‘Had dat oude wijf maar niet in de weg moeten staan,’ mompelt hij nog wel eens vanuit het niets. Darrell Fitton maakt muziek onder de namen Bola en Jello maar voor het overige is er bar weinig over hem bekend. Gebruikt hij smaragdgroene lipgloss? Heeft hij een favoriete dierenimitatie? Loopt hij in zijn studio rond op sloffen gemaakt van kikkerneushaar? We zullen het wel nooit te weten komen. Zijn muziek komt uit op het al net zo vage Skam label en hij wordt geassocieerd met collega-vraagtekens Autechre en Boards Of Canada. Hij maakt bliepjesmuziek met rustige beats, en je zou het eens kunnen luisteren. Maar goed, niemand die je ertoe dwingt.
Zo, genoeg over de Bolaman. Er zijn wel belangrijkere zaken in het leven. Het nuttigen van een literfles absint is daar één van. Daar gaan we dan ook maar mee verder. Onder het genot van een mooi muziekje uiteraard. En niet te vergeten een zak stroopwafelkruimels met een dubbele scheut levertraan.
|
| |
|
| |

|
Solid Steel:
DJ Food & DK
– Now Listen Again
Hadden we net de hele Solid Steel catalogus, na veel wikken en wegen, in alfabetische vorm gerangschikt, komen ze met een nieuwe titel. Gelukkig is het wel van dezelfde lui die ook deel één voor hun rekening namen. Zelfs de titel is bijna identiek. Veel problemen om deze ertussen te voegen verwachten we dan ook niet. Aan het concept is ook weinig veranderd. Mixen die hap, dat is nog steeds het motto. Het gaat van bekend naar obscuur, van weird naar dope en van country naar middeleeuwse muziek. Diegenen die een rustige a cappella cd verwachten, zo eentje die het ook in bejaardentehuizen goed zal doen, moeten we teleurstellen. De rest stellen we niet gerust aangezien dit niet onze taak is. Af en toe een lezer teleurstellen, geen probleem, maar voor geruststellingen kunt u beter contact opnemen met een professionele hulpverlener. Dit zal u verder zelf ook wel begrijpen. Over de cd zelf hebben we verder niks serieus te melden. Ons standpunt is vrij duidelijk: recensies zijn onzin, wilt u een mening over een cd hebben, luister het verdomde ding zelf. Iets wat we goed kunnen aanraden bij dit meesterwerk.
|
| |
|
| |

|
Tipper – The Seamless Unspeakable Something
The Unavailable Something was misschien een betere titel geweest aangezien dit product pas na een jaar op cd te koop is en dan alleen via een internetwinkel. Daarvoor was het alleen verkrijgbaar als download (waarvoor je moest betalen, een onbekend fenomeen voor ons, wij dachten dat download gratis in het internettiaans betekende). Het was trouwens ook wel erg naïef van ons om te denken dat het deze keer makkelijk zou gaan. Tipper staat erom bekend dat met het klimmen der jaren zijn muziek steeds moeilijker verkrijgbaar wordt. De man is retepopulair en heeft grote scharen fans maar waarschijnlijk gewoon een hekel aan royalty’s. Vreemd, maar moet natuurlijk kunnen. Een andere verklaring is dat zijn brein al jaren geleden tot pulp is gedecibelt. Hij bezit namelijk de luidste auto op aarde en hij schijnt daar nogal veelvuldig in te hebben gezeten. Hij had vroeger de hobby om zijn automobiel in de buurt van openlucht technofeesten te parkeren, een lekker moppie muziek te draaien om vervolgens de organisatie van het feest zo gek te krijgen dat ze bij de lokale overheid gingen klagen over geluidsoverlast waarop hij er dan snel vandoor ging. De belhamel. Ook schrikt nog steeds menig Engels seismoloog op als ze de naam Tipper horen want aardbevingen simuleren was een andere hobby van hem. Het is weer eens wat anders dan regenwormen fokken. Over de cd zelf hebben we weinig meer dan het volgende te melden: Tipper = Topper!!!
|
| |
|
| |

|
Ellen Allien & Apparat – Orchestra Of Bubbles
Het is alweer lang geleden dat Ellen Allien ons deelgenoot maakte van haar visie op knäckebröd. Een warrig betoog was het, tot overmaat van ramp viel ze nog flauw ook. Eenmaal bijgekomen provoceerde ze ons door over een bureau heen te kotsen. Helaas maakte ze weinig aanstalten de boel zelf op te ruimen waarna we wel genoeg hadden van haar vreemde gedrag, niet dat we narrow-minded zijn, de stank ging ons gewoon vreselijk tegenstaan. Omdat we de geur niet uit ons kantoor konden krijgen zijn we op den duur zelfs nog verhuisd, maar goed, dat is een ander verhaal. Over Apparat willen we het liever helemaal niet hebben, god wat heeft die gast ons een hoofdpijn bezorgt met zijn gebazel over mierikswortel. We begrepen er werkelijk niks van. Aan sterke culinaire verhalen in het Duits hebben we dan ook altijd al een broertje dood gehad. Der Ellen Allien en das Apparat, wat een verrassing dat die Orchestra of Bubbles zo geslaagd is. Ze wilden hun succesformule graag eens persoonlijk uit komen leggen maar na ampel beraad hebben we besloten het aanbod af te slaan. Het feit dat er na Kraftwerk eindelijk weer wat fatsoenlijke elektronische muziek uit Duitsland komt willen we niet laten verpesten door een hernieuwde kennismaking met twee complete idioten.
|
| |
|
| |

|
Soul Jazz Records Presents: Rumble In The Jungle
Het was altijd al een gediscrimineerd genre. DJ's die meenden dat de dubplates vervloekt waren door een voodoopriesteres met open tbc en Jamaicanen die de muziek afdeden als anothercrazywhitething. Zodoende werd Ragga Jungle een welverdiende doorbraak ontzegd en ging het de geschiedenis in als het halfbloedje van de Rave en de stiefmoeder van de Drum & Bass. Het valt dan ook nauwelijks te bevatten dat het werk van bijvoorbeeld The Ragga Twins, Shy FX en Congo Natty tegenwoordig weer wat aan populariteit wint. Handig getimed dus van Soul Jazz Records om enkele hoogtepunten te selecteren en op vinyl uit te brengen. Ratelende drums, diepe basslines en hardcore raggavocalen brengen ons zonder moeite terug naar die beginjaren negentig. De tijd dat menigeen nog dacht dat Al- Qaeda een B-merk in de bolhoedbranche was en we de hoop koesterden dat we de jaren vijftig definitief achter ons hadden gelaten. We zaten er weer eens helemaal naast. Dat laat onverlet dat iedereen die af en toe eens terugblikt dat zou moeten doen met Rumble in the Jungle. Dat wil zeggen, als je van het genre houdt en als het terugblikken specifiek betrekking heeft op de beginjaren negentig. Voor een terugblik op de jaren zeventig zou je beter kunnen beginnen bij Pink Floyd of The Clash. Voor de jaren tachtig raden we Duran Duran of Prefab Sprout aan.
|
| |
|
| |

|
Solid Steel: De Review
Nou men toe is aan de zevende cd uit de befaamde serie wordt het tijd om er ongegeneerd enige lof over uit te storten. We zullen dit in alfabetische volgorde doen aangezien we geen heil zien in een holistische benadering. Een chronologische rangschikking is ook nog even overwogen maar dan zouden we beginnen met het hoogtepunt en zoiets roept in de regel vragen op. Het is immers nooit goed voor een label als achteraf blijkt dat hun eerste release gelijk de beste was. Het geeft de criticaster een stok om mee te slaan. Vandaar de alfabetische benadering. Nadeel van deze benadering is wel dat de eerst te bespreken cd die van Amon Tobin wordt. Spijtig om te constateren maar zijn cd past absoluut niet in de serie. Het hele Solid Steel idee is om alle stijlen en genres door elkaar te mixen en dat ontbreekt geheel bij deze fantastische registratie van een live optreden. Hetzelfde gevoel bekruipt je bij de cd van DJ Kentaru. Uitstekend mixer en scratcher maar door alleen de Ninja Tune catalogus te gebruiken past het niet helemaal in de serie. Laten we die twee buiten beschouwing dan moeten we constateren dat de juiste alfabetische rangschikking de volgende is: Bonobo, DJ Food & DK, Herbaliser, Hexstatic en Mr. Scruff. Ook weer voor elkaar.
|
| |
|
| |

|
Ghostface Killah - Fishscale
Larger than life, die Ghostface Killah. Een charmeur met belachelijk veel zelfvertrouwen, bizarre sieraden en een raadselachtige kledingsmaak. Daarnaast is hij ook een gezaghebbend cultfiguur en de beste rapper van het Wu-Tang collectief. Een pratende Ghostfacedoll met 14 karaats gouden ketting is bovendien in de maak maar omdat we die toch niet kunnen betalen nemen we liever zijn laatste cd onder de loep. Het begint gelijk goed, tenminste als u het eerste nummer overslaat. Eigenlijk begint het dus vrij matig maar dat is de man vergeven omdat het tweede nummer een instant classic is. Hij vertelt zo visueel over een mislukte ripdeal dat een videoclip compleet overbodig is, die verzint u er zelf wel bij. Denk echter niet dat Ghostface een ééndimensionale rapper is die het slechts over cocaïne heeft. Hij memoreert ook aan zijn liefdevolle moeder die goed met een riem overweg kon en rapt over een ontmoeting met Spongebob Squarepants op de bodem van de oceaan. Producers zijn Pete Rock, wijlen J Dilla, Lewis Parker, Just Blaze en Levertraanfavoriet M.F. Doom. Minpunten zijn de vele skits en het laatste nummer met een gastrol voor De Beruchte Groot (a.k.a. Grootje). Laat dode rappers met rust anders krijgen we straks nog toestanden waarbij iedereen een song wil doen met Proof en daar zitten we niet op te wachten.
|
| |
|
| |


|
Aceyalone - Magnificent City
versus
Mika Nina - Citrus Sessions Vol.1
Omdat het de toonaangevende rappers van Freestyle Fellowship waren en ze beide een nieuwe cd uithebben, hieronder een vergelijkend warenonderzoek.
Myka Nyne (ook wel Mykah 9) heeft voor de weggeefmethode gekozen en biedt zijn gehele cd gratis aan via zijn website (http://www.mykanyne.com) Aceyalone bewandelt de conventionele wegen en vraagt geld voor zijn produkt. 1-0 voor Myka. Tijdens het downloaden wordt men ook nog eens verrast met een erotische datingsite die zich, hoe handig, richt op de regio van de downloader. 2-0 voor Mika. Dan de muziek. Myika Nyne zingt tegenwoordig meer dan dat hij rapt en als hij rapt doet hij dit op een zangerige manier. De idiotie van zijn Freestyle Fellowshipdagen keert in sommige songs echter toch onverwachts terug. Aceyalone rapt meer rechttoe/rechtaan dan vroeger maar torent nog steeds hoog uit boven de gemiddelde emcee. Beide een punt: 3-1. Hoewel de beats van Myka Nyne minder slecht zijn dan verwacht kan het allemaal niet op tegen het futuristische werk van RJD2 en zo komen we uit op een stand van 3-2. Het gaat nog spannend worden ook. Voor de mindere momenten krijgen ze puntaftrek en zo komen we op een stand van 2-1. Myka verliest nog een punt omdat de talloze bezoekjes aan de erotische datingsite tot niks anders dan geldproblemen hebben geleid waardoor het 1-1 wordt. De titels tenslotte. Aceyalone en RJD2 noemen hun cd Magnificent City en dit zorgt voor veel verwarring. Acey komt immers uit L.A. terwijl RJ in Cincinnati resideert. Al die hoofdbrekens, zoiets levert een punt aftrek op. Myka Nyne noemt zijn cd Citrus Sessions omdat hij veel citrusvruchten at tijdens de opname van z'n plaat. Tsja. Zo eindigen we waar we begonnen, bij een stand van 0-0. Bij lange na geen slechte score maar Breaking News op CNN zal het wel nooit worden.
|
| |
|
| |

|
Sean Price - Monkey Barz!
Sean Peeeee, zo schalt het maar liefst 1466 keer uit de speakers bij deze LP. Waarschijnlijk om op die manier duidelijk te maken dat de naam Sean Price op de hoes het gevolg is van interne miscommunicatie. Sean P, dat moet het zijn.
We moeten zeggen, bij ons werkte de afkorting verwarrend. Hebben we nou met Sean Paul of Sean Price van doen, de hoes er weer bijpakken en o ja, verdomme, het is inderdaad Price, dachten we toch even per ongeluk naar dancehall te luisteren. Geen vreemde constatering trouwens want dat doen we regelmatig. Wat ons tegenwoordig meer stoort dan een aap op een driewieler is de immer doordenderende trend om telkens weer dezelfde riddims te gebruiken. Vooral het fenomeen Riddim-LP zou geen bestaansrecht mogen hebben in een perfecte wereld. Zo hebben we vorig jaar eens een LP aangeschaft met het Trifecta-Riddim, leuk hoor, maar als je er twintig versies van gehoord hebt kan je het wel schieten (een van de versies komt trouwens van Sean Paul, dit terzijde). Nee, Jamaicaanse muziek heeft betere tijden gekend. Dit lijkt Sean Price niet te boeien. Hij benoemt zichzelf tot 'Brokest Rapper You Know' en heeft een hekel aan wacke mc's louter en alleen om hun wackness. Ergens in zijn achterhoofd lijkt de gedachte te leven dat hij zichzelf ook niet al te serieus kan nemen als 31 jarige idioot in het hiphopwereldje, en dat is natuurlijk helemaal waar. Om de verwarring compleet te maken noemt hij zich ook vaak Ruck. Z'n naam van vroeger toen hij samen met Rock de groep Heltah Skeltah vormde.
Monkey Barz, alleen al het aanschaffen waard vanwege Heartburn. Een briljant gerapt nummer waarin ook nog eens 118 keer de kreet Sean Peeeeeeee langskomt.
|
| |
|
| |

|
Cage - Hell's Winter
Cage stond altijd bekend als dat opvliegende pornorappertje dat solliciteerde naar een klap op z'n smoel. Zijn andere hobby was het gebruiken van PCP zodra hij daartoe de mogelijkheid zag. Het moet gezegd, hij zag die mogelijkheid verdomd vaak. En maar een beetje drugs gebruiken terwijl de gewone man elke dag hard aan het werk is van negen tot vijf. Het begon iedereen in zijn omgeving danig te irriteren en het hek was van de dam toen meneer eens een potje armworstelen verloor van zijn nichtje. Ineens bleek die Cage eigenlijk helemaal niet zo sterk te zijn, ondanks zijn tatoeages. Van heinde en verre kwamen ze om hem een paar tikken te verkopen, het kostte hem dus nog geld ook, terwijl hij daarnaast een drugsverslaving moest onderhouden. Het leek snel bergafwaarts te gaan tot iemand hem zodanig hard tegen zijn hoofd sloeg dat zijn brein een kwartslag kantelde. Van het ene op het ander moment werd Cage ineens een stuk slimmer. Hij begreep dat hij verkeerd bezig was, minderde zijn drugsgebruik en nam de tijd voor enige zelfreflectie. Het resultaat is een van de beste rapplaten, van een blanke, sinds 1830. Mede dankzij de hulp van El-P die deze plaat niet alleen op zijn Def Juxx label heeft uitgebracht, maar ook voor een groot gedeelte heeft geproduceerd. DJ Shadow, RJD 2, Blockhead en Camuo Tao leveren ook beats en Jello Biaffra doet eindelijk weer eens een George Bush imitatie.
|
| |
|
| |

|
Treva Whateva - Music's made of...
Alle lof voor het Ninja Tune label om eindelijk weer eens iemand met een coole naam te laten debuteren. Zoiets gebeurt veel te weinig. Vaak wordt er gezeurd dat de muziek ook nog iets moet voorstellen maar dat is natuurlijk gelul voor azijnpissers. Wanneer je als Treva Whateva door het leven gaat heb je het helemaal gemaakt en dan komt het met de muziek ook wel goed. Dat bewijst Treva in stijl of beter gesteld, in verschillende stijlen. Het gaat van dixieland tot ragga jungle en alles daar tussen in. Grootste minpunt voor de mensen die de LP aanschaffen is dat er een grappige skit ontbreekt die wel op de cd staat. Het betreft een vrouwenstem die beweert dat een jointje voor het ontbijt een energieke dag garandeert. Een provocerende stellingname die noopt tot nadenken en dat maak je niet vaak mee bij een skit. Meestal zijn ze compleet overbodig want niet grappig maar uitgerekend bij Treva Whateva ligt dit weer eens anders. Trouwens, een primeur deze constatering want we zijn hem nog nergens anders tegengekomen. Zo zien we maar weer dat de mainstream media veel belangrijk nieuws links laten liggen en elkaar veel liever napraten dan zelf op onderzoek te gaan. Lang Leve Levertraan.
|
| |
|
| |

|
M.I.A. - Arular
Als zijnde semi-hip constant achter de feiten aanstuiterend magazine presenteert Levertraan hier alsnog een recensie van dé cd van vorig jaar (of zo). Natuurlijk, de interesse in het dubgrimefavelajunglestepragga-genre was er altijd al, we waren echter te druk met dansen om er iets zinnigs over te kunnen zeggen. Uitgeput maar voldaan komen we er hieronder misschien aan toe. Af en toe nog even een raar dansje op Piracy Funds Terrorism om het allemaal af te leren en dan toch echt aan de slag. Ach kijk, zelfs de huiskat van Levertraan swingt mee en dan kunnen wij natuurlijk niet achterblijven. We draaien nog eens Bucky Done Gun en danken Diplo voor het Rocky-thema om wederom te moeten constateren dat we de voetjes van de vloer hebben. De kat is inmiddels hoorndol en wij overwegen een speedverslaving om het allemaal bij te kunnen houden. Voor het geld hoef je het niet te laten maar de kans dat we dezelfde muzieksmaak als Herman Brood oplopen durven we niet te nemen. Zelfs tijdens dit soort overwegingen proberen we nog een backspin met bijna fatale afloop. Tijd dus om die recensie maar voor gezien te houden.Kopen en dansen maar, wat moeten we er in godsnaam ook verder van zeggen.
|
| |
|
|
|

|